Varia
Boekenrubriek | Links | Interviews | Artikelen | Columns

Een compliment van de Heilige Geest
 

30-10-2007

duif“Mevrouw, zou ik nog eens met u mogen praten? Vindt u het niet gek dat ik dat vraag? Want ik voel me best wel dom hoor!” Wat was ik trots toen één van mijn leerlingen op me af kwam om eens met me te praten, want ze zat met een probleem en wilde dat aan iemand kwijt die er niets mee te maken had. Ze had blijkbaar genoeg vertrouwen in mij om haar hart bij mij uit te storten. Dacht ik. Een paar dagen later wilde ze nog eens terug komen, maar ze voelde zich dom. Een kneus. Een watje. En daar voegde ik in gedachten aan toe: “Want hoe wanhopig moet je zijn als je alleen nog maar je lerares Duits kan bedenken om tegenaan te praten!?” Zo bleken zowel de leerling in kwestie, laat ik haar voor het gemak Linda noemen en ik zelf ons steeds maar weer te richten op wat ‘de ander’ wel niet zou denken.
Linda vertelde me dat ze zich depressief voelde en wat ze ondernam in een poging zich beter te gaan voelen. Dit zijn echter methoden waarvan ze zelf ook wel weet dat ze niet goed zijn. Ze durfde niet om hulp te vragen, want – daar hebben we het weer – wat zal men wel niet van haar denken! Haar ouders zouden haar niet meer vertrouwen, ze zouden haar niet meer geloven als ze zou zeggen dat het goed met haar gaat, ze zouden haar van de ene praatgroep naar de andere cursus brengen, ze zouden…
En dan komt zo’n meisje bij haar lerares, die niets anders kan doen dan haar aanhoren. Die lerares is immers geen therapeut, geen psycholoog, ze is niet eens op de hoogte van alle doorverwijsmogelijkheden die er tegenwoordig binnen een middelbare school zijn! Het enige wat ik kon doen was haar aanhoren, mijn machteloosheid eerlijk aangeven en met mijn adviezen dicht bij huis blijven: praat eens met je vriendinnen, met je vader, moeder, huisarts…
Ik gaf haar ook een kleine opdracht mee. Iemand heeft mij eens heel goed geholpen door me de opdracht te geven om iedere dag een aantal dingen op te schrijven waar ik tevreden over was. Nou kan iedere lezer uit mijn bovenstaande opmerking over wanhopig en lerares Duits, (dat is als fenomeen lerares Duits en als mens immers de laatste persoon aan wie je iets kwijt wilt!) kunt u wel afleiden dat ik nog niet helemaal tevreden ben met mijzelf. Ik gaf Linda die tip ook mee: Loop ieder avond de dag nog eens door, zoek iets dat je die dag gedaan hebt waar je tevreden over of trots op kunt zijn en geef jezelf daarvoor een compliment. Waarbij ik prompt dacht: hoor wie het zegt…Het zit immers niet echt in onze calvinistische aard om onszelf complimenten te geven, dat lijkt zo hoogmoedig. Maar staan er in de bijbel niet een heleboel teksten die we niet alleen als gebod of richtlijn kunnen opvatten, maar ook als compliment? Want terwijl ik dit stukje schrijf (als ik eraan begin weet ik nooit waar het op uitkomt, dat is altijd weer een verrassing!) herinner ik me een vers uit Spreuken: Het juiste woord op de juiste tijd is als een gouden appel op een zilveren schaal. (Spr. 25:11) Dat is niet alleen een wijze spreuk, een goed advies en iets om in je oren te knopen, maar je kunt het ook als een mooi compliment zien als het je gelukt is om een goed woord te spreken. Dan heb je als het ware een gouden appel op een zilveren schaal geserveerd!
Dit vers herinner ik me niet zomaar. Het was de tekst die de ouderlingen voor me uitgezocht hadden toen ze vlak voor mijn belijdenis een gesprek met me voerden. Kenden zij me zo goed dat ze 15 jaar geleden al een zo toepasselijke tekst voor me konden uitzoeken? Ik denk dat ze een handje geholpen zijn en dat de Heilige Geest hen wel geïnspireerd heeft. Het was toen misschien voor mij een leefregel, maar nu zie ik het als een compliment. En van dit compliment word ik toch wel warm van binnen. Linda kwam me namelijk na het tweede gesprek vertellen dat ze met haar moeder gesproken had en dat alles oké was. Dat is nog eens een gouden appel!

Els Kleingeld