![]() |
| |
Ds. en Mw. Blokhuis, vanaf deze plaats mag ik u namens onze gemeente van Schiedam van harte feliciteren met uw gouden huwelijk en met uw 50 jarig ambtsjubileum. En natuurlijk ook de hier aanwezige kinderen en kleinkinderen van harte gefeliciteerd.
Sinds mij ongeveer twee maanden geleden is gevraagd om vanmorgen hier iets tegen u te zeggen voel ik mij een beetje als een dominee die een preek moet maken maar nog niet weet over welke tekst. Dat zal u niet snel overkomen zijn, dat u niet precies weet wat u moet gaan zeggen want u zit meestal niet om woorden verlegen. Mijn eigen vader had die eigenschap trouwens ook.
Ik herinner me nog dat u bij ons voorging op de ochtend dat bekend was geworden dat Prinses Diana van Engeland was omgekomen. De manier waarop u deze ingrijpende gebeurtenis onder woorden bracht in het gebed aan de Here God heeft op mij diepe indruk gemaakt. Vandaar dat ik nog weet dat u die morgen bij ons voorging. Het kost u meestal geen moeite om de juiste woorden te vinden, ik moet als hulpmiddel dit papier gebruiken. Ik kan u gerust stellen, het wordt geen tweede preek.
50 jaar predikant.
50 jaar geleden bevestigd als predikant te Zevenbergen, daarna Zuidhoorn, Wezep, Schiedam en tenslotte Wapenveld. U had kennelijk een voorkeur voor gemeentes achter in het alfabet. En vanaf 1993 geniet u van uw emeritaat.
Van die 50 jaar was u ongeveer 12,5 jaar predikant van onze gemeente. Van 1973 tot en met 1985. Een kwart van die periode van 50 jaar was u onze predikant. De langste periode in uw actieve ambtsperiode. Maar toch maar een kwart van die hele periode. Voor ons gevoel bent u een veel langere periode van die 50 jaar onze predikant. En dat komt waarschijnlijk omdat u na uw vertrek van hier naar Wapenveld en ook in uw emeritaat toch een band behield met onze gemeente. En die band is wederzijds. Of dat nou kwam een aantal van uw kinderen trouwde met Schiedammers, weet ik niet. Maar ook toen geen van de kinderen nog hier woonde bleef die band.
En nu prijzen we ons gelukkig dat een van uw kinderen alweer ruim vijf jaar in Schiedam woont. Maar vandaag gaat het niet om hem maar om u.
In die periode dat u hier predikant was hebben we goede jaren gehad samen. U hebt de periode aan de BK-laan 142 wel eens betiteld als de gelukkigste periode uit uw leven. Dat kan hier vanmorgen wel worden gezegd.
En wie herinnert zich niet hoe wij hier in dit kerkgebouw 25 jaar geleden uw zilveren jubileum hebben gevierd. Januari 1981. Het geheim van de Westvest. Wij boden u een reis aan naar het land Israel. Een droom ging in vervulling. Volgens mij was dat uw eerste reis naar dat land en er zouden er nog veel volgen. Want het was ons intussen duidelijk geworden dat het land Israel en vooral het volk Israel een bijzondere plaats heeft in uw hart. De prekenserie over het boek Ezechiel heeft ons dat wel duidelijk gemaakt. En wie kent hem niet, de zoon van Jesaja, Sear Jasub.
Van onze huidige ds. Blokhuis is bekend dat hij tijdens de catechisatie vaak tekeningetjes maakt op het bord, over onze band met God. Door de zondeval zijn we los van God gekomen maar de Here Jezus heeft de band met God weer hersteld. Tijdens de gezinsdienst op eerste kerstdag heeft Theofilus dat ook in een toneelstuk verder uitgewerkt.
Maar ook over uw catechisatie-geven zou een toneelstuk geschreven kunnen worden. Misschien dat leeftijdgenoten van mij sommige dingen ook nog herkennen.
U gebruikte geen whiteboard, dat hadden we toen nog niet maar een gewoon schoolbord een schreef daarop bijvoorbeeld het woord WET. Vervolgens veegde u de middelste E weg een plaatste er twee EE ’s voor in de plaats. Gods WET, jongens, dat is Gods WEET, Gods onderwijzing.
En wie van uw catechisanten weet niet wat HEILIG betekent:
Afgezonderd van de wereld en bestemd tot de dienst van God zo stampte u het erin. En u vertelde er altijd bij dat ds. Vonk dan ook nog het ritme met zijn vuist op tafel sloeg.
En u speelde zelf ook toneel tijdens de catechisatie. Als u moest uitleggen wat bekeren was dan deed u voor hoe je over de BK-laan kon lopen en dan er opeens achter kwam dat je de andere kant op moest, om dan vervolgens pardoes de andere kant op te lopen. Bekeren is omkeren zo sprak u dan.
U had in die tijd ook een goede band met de Jeugdvereniging Theofilus. U schreef in het eerste nummer van ons verenigingsblad Achiem dat begin jaren 80 verscheen. By the way, waar is dat blad gebleven? U sprak op verenigingsavonden van JVT, bijvoorbeeld over Israel. Maar ik herinner mij ook een Rayondag waarin u een toelichting gaf op het boek Openbaring.
We hadden het fijn met elkaar. En ik beschrijf dat nu vanuit de JV, waar ik toen lid van was, maar dat gold voor de hele gemeente.
Groot was de schrik dan ook toen u beroepen kreeg. De eerste gemeente ben ik even vergeten. Was het niet Langerak? De tweede was begin jaren tachtig Bunschoten-Spakenburg. En het was spannend. Ging hij wel ging hij niet. Er werd veel druk op u uitgeoefend vanuit Bunschoten. Tot ene br. Koelewijn uit Spakenburg belde met het eerlijke advies om toch maar te blijven waar u was. Het was in Spakenburg ook niet alles. U bedankte deze broeder voor zijn eerlijke woorden. Later bleek dat het een van uw zonen was geweest, die gebeld had. Toch bedankte u voor dat beroep en u bleef bij ons.
Tot 1985. U kreeg een beroep uit Wapenveld. En u besloot te gaan. Het zou uw laatste gemeente zijn vertrouwde u mij toe, toe ik u daarnaar vroeg. En dat was ook zo.
Het afscheid was indrukwekkend. Ik zie u beiden nog hier door de schuifdeuren verdwijnen. Zwaaiend. U, mevr. Blokhuis, waarschijnlijk met tranen in uw ogen.
Maar u bleef al die tijd toch een beetje “onze dominee”. U preekte nog regelmatig hier. U leidde enkele begrafenissen maar ook een aantal trouwerijen. En zo bleven we in zekere zin aan elkaar verbonden. Tot op de dag van vandaag. En we stellen het zeer op prijs dat u vandaag met ons uw jubileum nog een beetje wil vieren. Vorige week heeft u dat al in Wapenveld gedaan en daarbij kreeg u de onderscheiding Ridder in de orde van Oranje Nassau. En die onderscheiding komt u helemaal toe.
Maar ook van onze kant hoort daar natuurlijk een kado bij. Ditmaal geen geheim van de Westvest. We sturen u niet naar Israel. Maar we willen toch op een andere manier, bescheiden bijdragen aan de feestvreugde.
We geven u een bedrag dat verband houdt met de twaalf en half jaar dat u als predikant verbonden was met onze gemeente. U kunt dat besteden zoals u zelf wilt. Een jonge predikant geef je al gauw een boekenbon. Daar zit dan zoiets achter van: Je moet nog een hoop leren en ook misschien krijgen we er dan ook nog wel iets van terug. Maar voor u gelden deze beide dingen niet. Wij hebben al erg veel van u gekregen en u bent al erg belezen. Maar u mag er natuurlijk boeken van kopen maar ook wat anders.
Ik heb wat herinneringen hier genoemd aan de tijd dat u onze predikant was maar er zijn er ongetwijfeld nog veel meer. Laten we onder het genot van een kop koffie die verder met elkaar delen. Ik zal als eerste ds. Blokhuis en mw. Blokhuis hier feliciteren. Misschien dat u dan kunt volgen.
Ik wil gaan afsluiten. We kijken vanmorgen dankbaar terug op de mooie jaren die u hier in ons midden hebt beleefd. Soli Deo Gloria.
En voor de toekomst bidden we ook diezelfde God of Hij u samen met uw geliefde vrouw nog vele jaren wil geven temidden van uw kinderen en kleinkinderen. Dat in de eerste plaats En dat wij als gemeente van Schiedam daar omheen mogen staan om daar nog lang getuigen van te zijn.
Laten we nu met elkaar zingen van Ps 136, de eerste twee verzen en de laatste twee over de Here God die trouw is door alle tijden heen.
Schiedam, 22 januari 2006,
A.J. van ‘t Hoff